zaterdag 26 mei 2012

1952 – 2012 Yeah! Zestig





















Vandaag, 26 mei, vier ik mijn zestigste verjaardag. Het is een vreemde gewaarwording. De zestigste verjaardag van mijn vader zit in mijn hoofd als de dag van gisteren, maar dat is inmiddels ook al weer dertig jaar geleden. De tijd vliegt.

Zestig is het toverwoord van mijn generatie. Ik bedoel de herinnering aan de jaren zestig waarin wij onze middelbare schooltijd en (eerste) studiejaren beleefden. Onze jeugd is nu wel heel erg voltooid verleden tijd. Hoe vaak is er van die jaren al geen afscheid genomen?





















De Keizersgracht vanaf de Westertoren, in 1952, het jaar waarin ik verderop aan de gracht enkel babygeluidjes produceerde

Mijn eigen beleving is dat met het klimmen der jaren de geschiedenis – alles wat verleden en voltooid is – gestaag mijn gedachten beheerst. Dat tussen het “was” en het “is” een levende dynamiek bestaat. Je kan wel honderd keer terug naar toen en toch alles weer op een nieuwe manier beleven, opnieuw begrijpen en inkleuren. Maar het gaat wel om die dynamiek. Ik sta met beide benen in onze eigen tijd en ik hoop dat nog lang te mogen blijven doen. Geschiedenis en de weerkerende beleving ervan leiden tot beter begrip van waar wij zijn, naast alle andere impulsen die hiertoe bijdragen. Dat ik zelf intussen evengoed meer geschiedenis ben dan toekomst deert mij niet. Het is eigenlijk vooral een rustgevende gedachte.

Maar als mijn lichaam het wil moet mijn hoofd met alles wat erin omgaat nog wel een jaar of twintig mee, liefst meer natuurlijk. En dat vereist wakker blijven, niet ophouden mee te denken over de trends van alle dag; van de ogenschijnlijke banaliteiten tot alles wat zich aandient als dreigende rampspoed of juist anders: als lichtend nieuw perspectief.

De zomer van mijn leven is nog niet voorbij. Het gaat slechts om een rekenkundige mijlpaal. Wie mij op straat ziet lopen zal niet gauw zeggen: daar gaat een oude man. Ten minste wil ik die illusie nog lang koesteren.

woensdag 23 mei 2012

Tussen links en rechts gaapt een niemandsland






















Nu de PvdA onomwonden gekozen heeft voor een linkse coalitiestrategie (“regeren met de SP”) weet rechts Nederland wat het te doen staat: dat nooit. Meer dan in 2010 is sprake van een sterk gepolariseerde campagne. De reflex van rechts kan zijn om ook in eigen flank des te meer de uiterste positie te zoeken.

Het lijkt mij dat deze ontwikkeling de heren van het huidige rompkabinet behoorlijke nachtmerries zal opleveren. Stel dat de PVV – als gevolg van deze polarisatie – niet zwakker maar nog prominenter uit de verkiezingen te voorschijn komt. Dat de SP en de PVV samen meer dan de helft van het electoraat voor zich weten te winnen? De euforie over het nieuwe midden (“de lentecoalitie”) is snel verbleekt. Groenlinks is intern gestruikeld met een pijnlijke lijsttrekkervertoning en van het CDA mag niet meer dan een zeer aarzelend herstel worden verwacht, als dit al optreedt. Ongeschonden blijft D66 maar ook die partij biedt op dit moment een tamelijk bleek beeld. Inderdaad, welk nieuw elan zal dat midden weten op te wekken?

Moet Rutte straks alsnog met hangende pootjes terug naar Wilders? Na alles wat sinds het klappen van de gedoogconstructie gezegd is, lijkt dat een zware gang naar Canossa. Zeker ook omdat het CDA niet opnieuw met die gang zal kunnen meedoen.

Voorzienbaar is een niet te ontknopen patstelling. Zou dit anders zijn wanneer Samsom niet zo gretig de SP omarmt als hij nu lijkt te doen? Men kan zich afvragen of zijn uitspraak in dit opzicht wel verstandig is. Zijn opstelling lijkt meer op een electorale kamikaze dan op een strategie die prioriteit geeft aan de regeerbaarheid van Nederland.

De dodenrit van de politiek drijft Nederland gaandeweg tot het nieuwe zorgenkind van de Europese klas. Het is te hopen dat de zomertijd het gemoed van de kiezer bijstelt. Van pure polarisatie wordt niemand beter.

dinsdag 15 mei 2012

Eerst naar Berlijn




















De as tussen Parijs en Berlijn is sinds Bismarck de bepalende factor voor de economische en politieke stabiliteit in Europa. Je ziet de oude Pruis glimlachen in zijn graf nu de nieuwe Franse president zijn geloofwaardigheid in Europa in de allereerste plaats wil demonstreren door een reis te maken naar de Duitse bondskanselier. Ja, dat is onze eigentijdse Realpolitik. What's new?

Het grote verschil is natuurlijk de betrekkelijkheid van het hele verschijnsel Europa in het hedendaagse spel van de grote machten. Dat wil zeggen: betrekkelijk zolang de Europese landen blijven worstelen met een som die nog steeds niet overtuigend meer is dan het geheel der delen. De euro, die hiervan tien jaar geleden als pronkstuk ten tonele werd gevoerd, blijkt nu wel een heel erg groot voorschot te zijn geweest op het vermogen van de Europese landen om de basiscondities van hun economie en van hun politieke bestel effectief op elkaar af te stemmen.

Men zal zich afvragen wat Hollande met hulp van Merkel kan bewerkstelligen voor het herstellen van de Europese voorspoed dat niet ook zijn voorganger Sarkozy had kunnen bereiken. Het verlangen naar nieuwe groei in Europa is geen uitvinding van Hollande. Wat wrikt zijn de middelen, de voorzieningen en vooral de perspectieven. In geen van deze dimensies heeft Frankrijk veel (extra's) te bieden.

Ondertussen zaagt de Europese bevolking de stoelpoten weg onder de ene na de andere regering. Als bestaande afspraken daardoor al moeilijk nagekomen worden, welk nieuw pact willen wij dan sluiten? Ook nieuwe groei komt niet gratis. Wat nodig zal zijn is een gemeenschappelijke Europese politiek op het gebied van energie, grondstoffen, internationale handel en dergelijke; een Europese visie die uitstijgt boven het enkele cliche van de vrije markt. 

Een handicap voor Europa in de eerstkomende periode is dat ook de Amerikaanse regering voorlopig druk bezig zal zijn de eigen stoelpoten te behouden. We moeten het dus zelf oplossen. En als dit in Berlijn moet beginnen, is dat een acceptable Europese realiteit.

maandag 14 mei 2012

Poppetjes voor het parlement
















Echt leiderschap ontstaat in een historisch proces. De leider is degene van wie iedereen dat vanzelf-sprekend vindt. Die kies je niet. Die accepteer je. 

Maar niet elke periode biedt vanzelf zo'n historisch proces. Het theater van de politiek is nu vooral een komedie van begrotingsspecialisten. Dat is alles behalve de voedingsbodem voor daadwerkelijk leider-schap. 

Joop den Uyl was zo'n historisch leiderfiguur. Dat gold ook voor de VVD-ers Oud en Wiegel. Van heel andere orde was Van Agt. Was hij een echte "leider"? Hij was zeker degene die in zijn tijd het meest de belichaming was van het CDA. Prominente mensen, uitgesproken karakters die meteen stilte zaaien als zij de zaal inkomen. 

Met die voorgeschiedenis in mijn hoofd zie ik nu de parade bij het CDA, nog maar kort na dezelfde vertoning bij de PvdA, en ja nu ook Groenlinks. Al bij de laatste verkiezingen, in 2010, heb ik opgetekend hoezeer de mediademocratie het verschijnsel Idols (of The Voice) en de campagne van politici bij elkaar heeft gebracht. De jongere die nu opgroeit weet niet beter. Als je wat wil moet je met een wedstrijd meedoen. Wie de populairste is. 

Geen van de kandidaten die nu ten toon worden gesteld heeft ook maar bij benadering het klassieke, authentieke leiderschap in de Nederlandse politiek in zich. Wie het wordt maakt eigenlijk niet zoveel uit. Met populariteit bereik je niets. De nadruk hierop onderstreept nog eens hoezeer de werkelijke historische processen ver van hun zijn verwijderd. 


woensdag 9 mei 2012

Presentatie van een Nederlands-Amerikaanse biografie



























Vandaag (donderdag 10 mei) presenteer ik een biografie van mijn grootouders aan de leden van de American Women's Club op Amsterdam. Ik heb hiervoor met name gebruik kunnen maken van door mijn grootmoeder nagelaten essays en persoonlijke correspondentie.

De biografie volgt de geschiedenis van nieuwe vooruitgang, economische opleving en depressie, twee wereldoorlogen, de Duitse bezetting en de daaropvolgende wederopbouw vanuit het perspectief van de gegoede (Amsterdamse) burgerij en meer in het bijzonder de generatie die leefde tussen de laatste decennia van de 19e eeuw en de eerste naoorlogse decennia van de 20ste. Het persoonlijke bronmateriaal, inclusief tal van observaties over de historische gebeurtenissen in het tijdvak dat de biografie bestrijkt, geeft het boek onmiskenbaar het karakter van ‘de eeuw van mijn grootmoeder’.

Mijn grootmoeder Carolyn Korthals Altes – Hull (1891 – 1985) was geboren en getogen in New England, in een bij uitstek progressieve periode van de Amerikaanse geschiedenis. Haar intelligentie en brede algemene ontwikkeling maakte haar tot een kritische en scherpe waarnemer van de Nederlandse – sociale – verhoudingen waarin zij als jonge vrouw in 1920 terechtkwam. Niet lang daarna ontstond mede op haar initiatief de Amerikaanse Vrouwenclub van Amsterdam, een sociaal-culturele vereniging die na de bevrijding in 1945 een bijzondere rol vervulde in de distributie van tweedehands kleren afkomstig uit het vrouwennetwerk in Amerika.

Mijn grootvader was ingenieur en zelfstandig ondernemer, onder meer als vertegenwoordiger van General Electric in Nederland. Na de oorlog werd hij benoemd als voorzitter van het Nederland-Amerika Instituut en legde in die functie mede de grondslag van het nog steeds bestaande Nederlandse Fulbright Scholarship programma.

Liberty and Progress - a Dutch-American biography (214 pagina's, ISBN: 9789461932259) wordt uitgegeven via Mijnbestseller.nl. 

Het boek is onder andere te koop bij www.mijnbestseller.nl. Prijs paperback: € 12,50.


Zie ook: Een tastbare geschiedenis

maandag 7 mei 2012

“Revolte in Europa, hoera!”

















Het einde van ‘Merkozy’ 

De Amerikaanse econoom-columnist Paul Krugman kan zijn pret niet onderdrukken. Godzijdank, schrijft hij, hebben kiezers in Europa een dam opgeworpen tegen pure bezuiniging. En dat “is a good thing”.

Hij schrijft dit tegenover commentaren in de Britse Economist die de nieuw gekozen Franse president Hollande vorige week onomwonden “gevaarlijk” noemden. De kiezers in Europa zijn verstandiger dan zelfs de slimste koppen van een falend Europees financieel-economisch beleid, stelt Krugman.

De ene mogelijkheid, aldus Krugman, is wat de heersende Europese elite afschildert als een horrorscenario: het openbreken van de euro. Dit zou de nodige ruimte geven aan landen als Griekenland, Spanje en ook Ierland voor exportstimulering op basis van een meer realistische wisselkoers met andere Europese landen. De andere mogelijkheid, met hetzelfde doel, is versoepeling van de Europese rentepolitiek en meer flexibiliteit als het gaat om het risico van inflatie.

In beide scenario’s vallen de heilige huisjes van de huisjes van het huidige beleid, waarin (te) krampachtig wordt vastgehouden aan een eenheidsrecept voor alle eurolanden. Versoepeling daarvan zal in de eerste plaats ten goede moeten komen aan de zwakste landen,.aldus Krugman. Anders gezegd: aan een flinke herverdeling van de Europese welvaart valt niet te ontkomen. Hoe dan ook zal het beleid aanzienlijk meer dynamisch moeten worden. Dat is wat Krugman lijkt te zeggen. 

Zo bezien staan Hollande en al diegenen die concreet werk willen maken van economisch herstel in ons werelddeel wel voor een heel zware opgave. Rechtsom en linksom gapen diepe afgronden. 

Zie: Those revolting Europeans

donderdag 3 mei 2012

De dronkemansgang naar nieuwe verkiezingen















Het is opmerkelijk dat direct na het wegvallen van Wilders’ gedoogsteun zonder grondige discussie de conclusie is getrokken van nieuwe verkiezingen. Ik kan dit enkel uitleggen als het optreden van politici die bloed ruiken: de honger naar electorale afrekening met de PVV.

Wij hadden al een minderheidskabinet, en het openbreken van het gedoogakkoord verandert hieraan in beginsel niets. Voor de belangrijkste kwesties moest het kabinet immers al steun zoeken bij een of meer andere partijen. 

De beslissing om de gang te maken naar de koningin viel nog voordat het wandelgangenakkoord op tafel lag. Zou het anders zijn geweest wanneer een dergelijk akkoord al vooraf in het verschiet lag? De zogeheten “Kunduz-coalatie” kan rekenen op 77 zetels, één meer dan de gedoogcoalitie met Wilders.

Anders gezegd: de snelle beslissing om terug te gaan naar het electoraat is gebaseerd op de verwachting met name bij CDA en VVD dat zij hieraan direct voordeel ontlenen voor hun eigen positie. De eerste peilingen wijzen uit dat dit vooral voor het CDA een hachelijk avontuur is. Voor de VVD lijkt het lood om oud ijzer. Wat het CDA verliest komt dubbel en dwars terug bij Groenlinks en D66, zo lijkt het. Er is gejuich over het nieuwe midden. Maar het is een gok. Inderdaad het borreldenken van de wandelgangen.

Sluit het kiezerssentiment aan bij deze snel gevonden vriendschap? Het is de hoofdvraag die ik al eerder heb gesteld. We kunnen schamper doen over het resterende appeal van Wilders nu zijn anti-islamisering campagne geen actualiteit meer heeft, maar wat te denken van zijn frontale aanval op Europa. Het neutraliteitssentiment is diepgeworteld in de Nederlandse geschiedenis. Dat wij in de hoogtijdagen daarvan ook nog beschikten over koloniale bezittingen is gauw vergeten. Nederland alleen is nooit iets geweest, en leg dat eens uit in hedendaagse termen.

Zo duikt iedereen in zijn zomerse verblinding. Juichend naar nieuwe verkiezingen. Nu komt alles goed. Maar de barre tijden zijn niet voorbij. Zij vragen meer dan het verstand van de wandelgangen om daar goed doorheen te koersen.