Posts tonen met het label verkiezingen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label verkiezingen. Alle posts tonen

woensdag 15 maart 2017

CHAOS? INTEGENDEEL. NEDERLAND STEMDE GEMATIGD



Totale versplintering is uitgebleven 

Wie, zoals ikzelf, de chaos voorspelde kan na 15 maart opgelucht ademhalen. Niet alleen is sprake van een overtuigende steun voor het voortgezette leiderschap van Rutte, ook heeft de kiezer heldere aanwijzingen gegeven voor de noodzakelijke koerscorrecties in het regeringsbeleid. Van groot belang voor Rutte zelf is dat hij hiervoor aan tafel kan met partijen die alleszins Regierungsfähig zijn. Splinterpartijen en schreeuwlelijken zoals Wilders kunnen voor de kabinetsformatie royaal gepasseerd worden.

Opmerkelijk zijn vooral de uitslagen van de typische middenpartijen D66 en het CDA, die daarmee de eerst aangewezen gesprekspartners zijn voor de VVD. Het is naast de overwinning van de VVD de tweede trofee die Rutte binnenhaalt.

Ronduit dramatisch zijn de krimp én de aardverschuiving op links (PvdA, GL, SP). Van 24% naar 15% van het electoraat, met Groenlinks die als in een landslide de PvdA en SP overtuigend achter zich laat. Wat dit op langere termijn betekent valt nog te bezien. Het lijkt mij echter dat naast de PvdA en de SP ook Groenlinks niet aan een fundamentele herbezinning op de kernwaarden van ‘links’ ontkomt.

De majesteit kan rustig blijven skiën of bier drinken. Het mag dan niet een hele eenvoudige formatie worden, buiten discussie staat de continuïteit van Rutte (en dus de VVD) in de hoofdlijnen van het regeringsbeleid. Interessant worden natuurlijk de koerscorrecties. Van wie gaan deze komen? De grote vraag zal zijn welke partij het gat gaat vullen voor de meerderheid: wordt het Groenlinks of wordt het Kleinrechts?

De splinterpartijtjes blijven een marginaal verschijnsel, en dat geldt ook voor de stagnerende PVV. Hun blijvende aanwezigheid in ons parlement, inclusief een meer uitgesproken stem van allochtonen (DENK) zie ik als positief, want als een waarborg voor de blijvende waardigheid van onze democratie.

woensdag 15 februari 2017

MOETEN WIJ STEMMEN OP RUTTE OM ERGER TE VOORKOMEN?




De configuratie van partijen en peilingen voor de komende verkiezingen roept een chaotisch beeld op. ‘Chaos’ is dan ook mijn vaste voorspelling voor de situatie die daarna ontstaat. De grootste vervuiling in ons huidige politieke klimaat komt in eerste plaats van al die splintergroepjes die links en (of: hoofdzakelijk) rechts als giftige schimmels uit de grond zijn gestampt. Zij voegen hoofdzakelijk lawaai toe aan een spektakel dat toch al weinig inhoud heeft.

Dit alles vindt plaats in een land waar niets te klagen valt en waar voor al dat splinterkabaal in feite geen enkele grond bestaat. Het wordt vooral geproduceerd door volkomen willekeurige individuen die in hun kinderlijke zelfzucht worden gesteund door de hype-lustige media. Met serieuze politiek heeft dit vertoon geen enkele verwantschap.

Diezelfde willekeur maakt het voor menig kiezer welhaast onmogelijk vast te stellen wat nu werkelijk de opties zijn. Maakt links of rechts uit? Die vraag blijft pertinent hoezeer ook het spectrum zich opnieuw langs die scheidslijn lijkt te bewegen. Het makkelijkst is natuurlijk de VVD: doorgaan á la Rutte.

De twee andere partijen die tot nu toe premiers hebben geleverd verkeren in grote problemen. Zij hebben slechts een klein zetje nodig, zo lijkt het, om totaal verpulverd te raken. Het CDA mist met Buma een overtuigende comebackleider en Asscher, de kersverse leider van de PvdA, komt te veel adem te kort om zijn achterstand in de peilingen nog in te lopen. De heersende anti-linkse sentimenten zijn daarvoor te sterk, hoe ongegrond zij ook (mogen) zijn. En hij heeft zijn eigen Nemesis in de gedaante van de SP, een partij die zich voedt aan het sociaal tekort dat de PvdA te lang heeft laten doorbroeien.

Zo bezien is van een serieuze keuze geen sprake meer. Het reduceert ons stemgedrag tot een futiele demonstratie. Partijen die nog het meest de demonstranten onder ons aanspreken – dit zijn met name de kleinere (splinter-)partijen - zullen hiervan bij uitstek profiteren, met – zoals gezegd – chaos tot gevolg.

Meer dan ooit zal dit leiden tot een regering die ons land niet verdient.

donderdag 13 september 2012

De kiezer is gelukkig niet gek

















Niet de koningin, niet het parlement, maar de kiezer heeft nu het dictaat voorgelegd voor de formatie. Wat nog slechts aarzelend tot uiting kwam bij de verkiezingen in 2010, is nu des te sterker uitgesproken: gij zult een breed kabinet vormen. Dat is iets anders dan de wedergeboorte van Paars, maar daarover pas later.

Rutte vond in de uitslag van de verkiezingen van 2010 nog het excuus om een kabinet “op rechts te vormen”, dit ondanks een brede onderstroom in onze maatschappij die ook toen al, zoals onder meer bleek bij een enquête onder het MKB, de voorkeur gaf aan een VVD-PvdA variant (“paars plus”). 

Met hangen en wurgen konden de VVD en het CDA het rechtse avontuur nog gedaan krijgen, maar dat scenario is nu echt onmogelijk. Gelukkig maar, dit vooral gezien de afgang van de PVV (een soort q.e.d. van wat Rutte en Verhagen voor ogen stond). Maar nu ook het CDA - nog verder - door het ijs is gezakt (ik geloof niet meer in haar wederopstanding *), kan een hernieuwde coalitie op rechts politiek gezien worden afgeschreven.

Rutte is nu wel de winnaar maar de kiezer wil geen onverkorte voortzetting van zijn beleid. Een prachtige uitspraak, vind ik. Hij moet dus flink wat water in de wijn doen tegenover de grote (mede)winnaars – waaronder ik naast de PvdA natuurlijk D66 reken. Maar inderdaad, dat wordt geen herhaling van Paars. De omstandigheden zijn fundamenteel anders dan in 1994. Toen wilden PvdA en VVD echt met elkaar, en de VVD was ook bereid dit te doen als tweede viool.

Nu willen ze eigenlijk niet, maar ze moeten wel, en de VVD is de grootste. Dat zal nog heel wat hoofdbrekens kosten aan beide kanten. Gaat het eigenlijk wel lukken? 

De grote gemene deler is dat een combinatie VVD-PvdA – in deze crisistijd – kan zorgen voor een maximaal maatschappelijk draagvlak voor moeilijke maatregelen. De andere gemene deler is dat beide partijen dit willen doen met handhaving en versterking van de rol van Europa. Daar vinden ze elkaar wel op, en zeker in dit opzicht kan D66 zeer makkelijk aanschuiven.

De signatuur van zo’n combinatie is VVD, noch Paars, noch “VVD-PvdA”, maar een – zal ik maar zeggen – buitengewone signatuur. Een coalitie die vooral zal worden gekarakteriseerd door de concrete beleidsmaatregelen die zij neemt en niet door de onderliggende ideologische context.

Ondertussen is het opmerkelijk hoezeer een oppervlakkige campagne, geleid door het mediaspektakel, leidt tot de fenomenale verschuivingen in het politieke spectrum die wij nu zien. Ik denk dat dit is gebeurd ondanks dat spektakel, en niet dankzij. 

De kiezer is niet gek. Iedereen heeft nagedacht, en dit is geen slecht resultaat. Dus ook de koningin mag tevreden zijn.


-----
(*) Ronduit pijnlijk was het interview met CDA-partijvoorzitter Ruth Peetoom. Met veel omhaal maakte zij duidelijk dat het CDA niets van belang meer te vertellen heeft. 

zondag 12 augustus 2012

Dat wordt wat, regeren met de SP

 














Mark Rutte zal niet makkelijk slapen. Wat, indien de a.s. verkiezingen inderdaad de SP tot de grootste partij maken? Dit mogelijke vooruitzicht wijst op een belangrijke verschuiving in de nationale politieke verhoudingen. Belangrijker dan de opkomst en teloorgang van versnipperd rechts. Uiteindelijk is het aan die flank toch de VVD die zich staande weet te houden. 

De eerste partij die zich een dergelijke verschuiving zal aantrekken is natuurlijk de PvdA. Jongeling Samsom maakt er nog een grotere tragedie van dan zijn voorganger Cohen. Tegenover de aimabel ogende Roemer is het bijna alsof hij niet bestaat. Links Nederland verhangt massaal de bordjes. 

De SP is een “grass roots”partij zoals een sociaal-democratische partij behoort te zijn. De grote zorg is natuurlijk hoe democratisch die partij nu werkelijk is. Mij dunkt dat die zorg vanzelf wegvalt zodra het gaat om het besturen van democratisch Nederland.

Rutte is geen echte vriend van Samsom en van Roemer is hij geen openlijke vijand. Dat laatste geldt ook in de verhouding tussen SP en het CDA. Hoe belangrijk dat laatste is valt natuurlijk ook nog te bezien. Ik kan mij goed voorstellen als het CDA onder deze omstandigheden liever kiest voor de oppositie. Het maakt ook niet veel uit, want er staan twee middenpartijen te trappelen die met SP en VVD best zaken kunnen doen. 

Zo tuimelen we van de ene verbazing in de andere. Het wordt leuk wakker worden na de vakantie.

vrijdag 27 juli 2012

De verkiezingen gaan over onze collectieve realiteitszin





















Deze website heeft gezond verstand als motto. Het is dus niet vreemd dat ik hier de vaandel hoog houd tegen hysterisch politiek sentiment. Links en rechts Nederland hebben hiervoor ieder hun platform. Verzamelplekken van het grote ontkennen. En elk ook met zijn eigen romantiek. Of het nu gaat om het schijnbaar huiselijk socialisme van de SP dan wel om de rauwe vrijheid-van-ieder-voor-zichzelf van de PVV. In de kern hebben zij gemeen dat zij het beeld propageren alsof Nederland nog beschikt over de economische, politieke en sociale vrijheden van de jaren vijftig. De media nemen deze eigentijdse burgerlijkheid kritiekloos serieus. Zij vervormen het kabaal van platte onwetendheid tot een bijna gelukzalig volksvermaak: “Ja leuk, de SP loopt voor op de VVD!”. Ik heb wel eens eerder een vergelijking getrokken tussen de talloze talentenshows op TV en de competitie in de politiek. Het kan allemaal niet gek genoeg zijn. Jongere generaties zien de vertoning in de politiek al lang niet meer in termen van onderliggende principes maar simpel als een functie van het schema “leuk” en “niet leuk”. 

Maar het zou de Roemers en Wilders van deze wereld te kort doen als ik dit verschijnsel enkel toeschrijf aan het publiek waar zij voor staan. Ook de zittende kern van de politieke elite, Rutte voorop, kan van versimpeling en toegeven aan de hysterie niet worden vrijgepleit. Het “Nederland sterk maken” (of: “sterk en sociaal” à la Samsom) is natuurlijk even hol en even armoedig als het anti-Europa geleuter van de PVV. 

Het gebrek aan diepgang en serieuze overreding bij de partijen die de belangrijkste politieke vraagstukken nu hebben liggen op hun regeringsbord is inderdaad teleurstellend. Nederland kan niet “sterk” worden gemaakt als wij in de grond van de zaak niet zelf ook sterk (willen) zijn. SP en PVV spelen in op onze belangrijkste zwakheden maar VVD , CDA, noch D66 en Groenlinks weten dit effectief te ontmaskeren. 

Onze economische toestand is niet leuk. Wereldwijd draaien we op z’n best stationair, dus eigenlijk in de achteruitstand. Het wachten is op nieuwe innovatiesprongen. Het enige wat de politiek kan doen is de zaak ondertussen niet nog erger maken plus, als het even kan, de juiste economische prikkels geven. Dat dit enkel kan op – ten minste – Europese schaal lijdt geen twijfel. Het is de nuchtere realiteit van de wereld waarin wij leven. Partijen die de suggestie wekken alsof wij ons daaraan kunnen onttrekken draaien de kiezer een rad voor ogen.

woensdag 20 juni 2012

Hero Brinkmans non-issue partij

















De voorgeschiedenis van TON – het speeltje van Rita Verdonk – en nu het “Democratisch Politiek Keerpunt” van Rita en Brinkman is het gemeengoed van iedere Telegraaflezer. Individuen die in hun eigen partij (VVD respectievelijk PVV) de dringend verlangde lauweren niet kregen en die vervolgens rechtgeaard een Alleingang maakten. Een geschiedenis die begint en eindigt bij een kwestie van louter particuliere ambitie.

Aan Geert Wilders kan nog worden meegegeven dat het hem met zijn partij werkelijk om een concreet belang te doen is. Na anti-islamisering, nu anti-Europa enzovoorts. De kiezer weet in elk geval waarin hij zich wil onderscheiden. Dit kan ten aanzien van de beoogde lijst van Brinkman (en Rita) niet worden gezegd. Hij wil een gat op rechts vullen, zegt hij. Welk gat dan? Ik bedoel, welk gedachtegoed in het rechter smaldeel missen wij dan nog?

Brinkman spreekt over de VVD die het MKB en de hardwerkende burger in de steek heeft gelaten. En over de PVV die financieel-economisch te links is en te veel lijkt op de SP. In mijn eigen voorstelling kan je van alles zeggen over de VVD, maar als er een sector heeft die belang heeft bij het financieel beleid dat de overheid nu voert, is het juist het MKB. Dat geldt eveneens voor tal van economische initiatieven die de krantenkoppen niet halen maar die de VVD, met steun van het CDA, wel degelijk neemt in de richting van het midden en kleinbedrijf. 

En welke belofte wil Brinkman “op rechts” toevoegen aan de hardwerkende burger? De belangen van hardwerkende burgers zijn in mijn ogen links en rechts gelijkluidend: continuïteit, redelijke sociale zekerheid en een efficiënte publieke dienstverlening. Waar het op eerder aankomt is een overtuigende verkiezingscampagne, en ook hierin zijn alle partijen in uitgangspunt gelijk. 

Brinkman verwacht dat de media hem een handje zullen helpen, zoals zij ook voor hem klaarstonden bij zijn uittreden uit de PVV. Maar die media gaan nu met vakantie, en na de zomer is het hele verhaal van Brinkman en zijn DPK oud nieuws. Aan het geheel van politieke opties voegt hij, zolang hij niet echt iets concreets te melden heeft, geen zinnig idee toe.

donderdag 7 juni 2012

PvdA programma overtuigt niet






















Ik was wel benieuwd naar het effect van de verjonging in het PvdA-leiderschap op de keuzes van de partij voor de verkiezingen. Maar de eerste berichten hierover stellen mij zeer teleur. Jong en fris ogen de hoofdlijnen van het PvdA-programma allerminst. Het ademt te veel de geest van oude linkse recepten. Men zegt te willen investeren maar van een concrete visie op de richting van die investeringen of op de omvang daarvan geeft de beschikbare informatie geen blijk.

De PvdA vertrouwt op tamelijk klassieke instrumenten voor herverdeling van de welvaart en werkgelegenheidsbevordering. Juist op die punten zou je van linker zijde toch enig innovatief denken verwachten. Het is in mijn ogen toch al lang geleden dat wij afscheid namen van de gedachte dat verplichte participatie van gehandicapten en langdurig werklozen ook maar enigszins helpt. Als je dit wil bereiken is een premiestelsel veel beter dan een stelsel van financiële sancties.

De PvdA zou de radicale keuze kunnen maken om arbeidsinkomsten aanzienlijk minder te belasten of zelfs alle belasting van inkomsten uit arbeid af te schaffen ten gunste van hogere consumptielasten en hogere winstbelasting. Die keuze maakt de partij niet, vermoedelijk ook uit zorg voor onze internationale concurrentiepositie. Dat is jammer. Een discussie daarover, ook in Europa, zou zeer op z’n plaats zijn in een economie die nog steeds gedreven wordt door zoveel mogelijk uitstoting van arbeid. Een gemiste kans dus.

De rest is allemaal nakauwen van kwesties die al op tafel liggen, zoals de hypotheekrenteaftrek, de salarissen van leraren (maar geen evidente onderwijsvisie), het belasten van banken enzovoorts. Dat zijn geen onderscheidende thema’s. En nu komt de PvdA alsnog met een kilometerheffing. Was dat niet al kamerbreed afgeschoten?

Ook mis ik in de berichtgeving vaan heldere stellingname over Europa. Dit lijkt mij van groot belang, mede gezien de recente uitlatingen van bondskanselier Merkel. Meer Europa, maar onder welke condities?

Samsom heeft nog wel wat in te vullen. Met dit programma zet hij zich in de verdediging en niet in een sprankelend offensief. Men mag toch wel iets van hem verwachten nu hij met zoveel tamtam het leiderschap van zijn partij gewonnen heeft.

woensdag 23 mei 2012

Tussen links en rechts gaapt een niemandsland






















Nu de PvdA onomwonden gekozen heeft voor een linkse coalitiestrategie (“regeren met de SP”) weet rechts Nederland wat het te doen staat: dat nooit. Meer dan in 2010 is sprake van een sterk gepolariseerde campagne. De reflex van rechts kan zijn om ook in eigen flank des te meer de uiterste positie te zoeken.

Het lijkt mij dat deze ontwikkeling de heren van het huidige rompkabinet behoorlijke nachtmerries zal opleveren. Stel dat de PVV – als gevolg van deze polarisatie – niet zwakker maar nog prominenter uit de verkiezingen te voorschijn komt. Dat de SP en de PVV samen meer dan de helft van het electoraat voor zich weten te winnen? De euforie over het nieuwe midden (“de lentecoalitie”) is snel verbleekt. Groenlinks is intern gestruikeld met een pijnlijke lijsttrekkervertoning en van het CDA mag niet meer dan een zeer aarzelend herstel worden verwacht, als dit al optreedt. Ongeschonden blijft D66 maar ook die partij biedt op dit moment een tamelijk bleek beeld. Inderdaad, welk nieuw elan zal dat midden weten op te wekken?

Moet Rutte straks alsnog met hangende pootjes terug naar Wilders? Na alles wat sinds het klappen van de gedoogconstructie gezegd is, lijkt dat een zware gang naar Canossa. Zeker ook omdat het CDA niet opnieuw met die gang zal kunnen meedoen.

Voorzienbaar is een niet te ontknopen patstelling. Zou dit anders zijn wanneer Samsom niet zo gretig de SP omarmt als hij nu lijkt te doen? Men kan zich afvragen of zijn uitspraak in dit opzicht wel verstandig is. Zijn opstelling lijkt meer op een electorale kamikaze dan op een strategie die prioriteit geeft aan de regeerbaarheid van Nederland.

De dodenrit van de politiek drijft Nederland gaandeweg tot het nieuwe zorgenkind van de Europese klas. Het is te hopen dat de zomertijd het gemoed van de kiezer bijstelt. Van pure polarisatie wordt niemand beter.

maandag 14 mei 2012

Poppetjes voor het parlement
















Echt leiderschap ontstaat in een historisch proces. De leider is degene van wie iedereen dat vanzelf-sprekend vindt. Die kies je niet. Die accepteer je. 

Maar niet elke periode biedt vanzelf zo'n historisch proces. Het theater van de politiek is nu vooral een komedie van begrotingsspecialisten. Dat is alles behalve de voedingsbodem voor daadwerkelijk leider-schap. 

Joop den Uyl was zo'n historisch leiderfiguur. Dat gold ook voor de VVD-ers Oud en Wiegel. Van heel andere orde was Van Agt. Was hij een echte "leider"? Hij was zeker degene die in zijn tijd het meest de belichaming was van het CDA. Prominente mensen, uitgesproken karakters die meteen stilte zaaien als zij de zaal inkomen. 

Met die voorgeschiedenis in mijn hoofd zie ik nu de parade bij het CDA, nog maar kort na dezelfde vertoning bij de PvdA, en ja nu ook Groenlinks. Al bij de laatste verkiezingen, in 2010, heb ik opgetekend hoezeer de mediademocratie het verschijnsel Idols (of The Voice) en de campagne van politici bij elkaar heeft gebracht. De jongere die nu opgroeit weet niet beter. Als je wat wil moet je met een wedstrijd meedoen. Wie de populairste is. 

Geen van de kandidaten die nu ten toon worden gesteld heeft ook maar bij benadering het klassieke, authentieke leiderschap in de Nederlandse politiek in zich. Wie het wordt maakt eigenlijk niet zoveel uit. Met populariteit bereik je niets. De nadruk hierop onderstreept nog eens hoezeer de werkelijke historische processen ver van hun zijn verwijderd. 


donderdag 3 mei 2012

De dronkemansgang naar nieuwe verkiezingen















Het is opmerkelijk dat direct na het wegvallen van Wilders’ gedoogsteun zonder grondige discussie de conclusie is getrokken van nieuwe verkiezingen. Ik kan dit enkel uitleggen als het optreden van politici die bloed ruiken: de honger naar electorale afrekening met de PVV.

Wij hadden al een minderheidskabinet, en het openbreken van het gedoogakkoord verandert hieraan in beginsel niets. Voor de belangrijkste kwesties moest het kabinet immers al steun zoeken bij een of meer andere partijen. 

De beslissing om de gang te maken naar de koningin viel nog voordat het wandelgangenakkoord op tafel lag. Zou het anders zijn geweest wanneer een dergelijk akkoord al vooraf in het verschiet lag? De zogeheten “Kunduz-coalatie” kan rekenen op 77 zetels, één meer dan de gedoogcoalitie met Wilders.

Anders gezegd: de snelle beslissing om terug te gaan naar het electoraat is gebaseerd op de verwachting met name bij CDA en VVD dat zij hieraan direct voordeel ontlenen voor hun eigen positie. De eerste peilingen wijzen uit dat dit vooral voor het CDA een hachelijk avontuur is. Voor de VVD lijkt het lood om oud ijzer. Wat het CDA verliest komt dubbel en dwars terug bij Groenlinks en D66, zo lijkt het. Er is gejuich over het nieuwe midden. Maar het is een gok. Inderdaad het borreldenken van de wandelgangen.

Sluit het kiezerssentiment aan bij deze snel gevonden vriendschap? Het is de hoofdvraag die ik al eerder heb gesteld. We kunnen schamper doen over het resterende appeal van Wilders nu zijn anti-islamisering campagne geen actualiteit meer heeft, maar wat te denken van zijn frontale aanval op Europa. Het neutraliteitssentiment is diepgeworteld in de Nederlandse geschiedenis. Dat wij in de hoogtijdagen daarvan ook nog beschikten over koloniale bezittingen is gauw vergeten. Nederland alleen is nooit iets geweest, en leg dat eens uit in hedendaagse termen.

Zo duikt iedereen in zijn zomerse verblinding. Juichend naar nieuwe verkiezingen. Nu komt alles goed. Maar de barre tijden zijn niet voorbij. Zij vragen meer dan het verstand van de wandelgangen om daar goed doorheen te koersen.

woensdag 2 februari 2011

De winnaar is de baas




Direct na de verkiezingen in juni j.l. had ik al opgemerkt dat de zeer gunstige uitslag voor de PVV in sommige kringen, vooral bij jongeren, het beeld had opgeroepen dat Wilders “dus” premier zou worden. Zijn partij had immers de grootste winst behaald. Die indruk wordt nu bevestigd door een onderzoek waaruit blijkt dat een kwart van de PVV-stemmers in de veronderstelling verkeert dat Wilders (ten minste) minister is.

Ik heb die beeldvorming destijds in verband gebracht met de simpele logica van mediapopulariteit. Winst telt, dus komt de winnaar (hoe ook gedefinieerd) bovenaan. Dat de VVD in de parlementsverkiezingen feitelijk het grootste aantal zetels won, is kennelijk niet overtuigend geweest. Dat is op zich wel opmerkelijk. Mark Rutte scoort immers in mediapopulariteit bepaald niet slecht.

De eenvoudige kiezerslogica is ontwapenend en overigens ook niet helemaal onrealistisch. Zelfs PvdA-leider Job Cohen heeft de nu regerende constellatie het “Kabinet Wilders” gedoopt.

Inmiddels is de prominente aandacht voor (de invloed van) Wilders redelijk weggeëbd. Voor het Afghanistan-besluit behaalde het kabinet ondanks tegenstribbelen van de PVV een eerste overwinning met medewerking van oppositiepartijen.

Een volgende horde staat voor de deur. Het gaat tellen wie in maart de winnaar (de grootste, de grootste winst?) wordt van de Provinciale Statenverkiezingen. Rutte heeft gezegd dat het niet uitmaakt op wie men stemt (als het maar een regeringspartij is), maar ik kan mij niet voorstellen dat hij iets anders wil dan een landslide voor zijn eigen VVD.

Voor de stabiliteit van de coalitie en bij afwezigheid van een geloofwaardig oppositie-alternatief zou het ook wel beter zijn als de grootste onder de verliezers van juni j.l. in de komende maand daadwerkelijk een winnaar is. Gebeurt dat niet in overtuigende mate dan zal de vraag wie werkelijk de baas is chronisch onbeantwoord blijven.